Skip to main content Skip to footer

Deze week is het koninklijk besluit gepubliceerd waarmee de wijziging van de Wet milieubeheer ter implementatie van de Richtlijn hernieuwbare energie (RED3) met terugwerkende kracht per 1 januari 2026 in werking treedt. Gelijktijdig treden het gewijzigde Besluit energie vervoer en de Regeling energie vervoer in werking. Met de implementatie van de RED3 in Nederland verwelkomen wij een volledig nieuw systeem voor de stimulering van hernieuwbare energie in vervoer.

Nieuw systeem

In de nieuwe systematiek wordt op basis van de brandstoftransitieverplichting (BTV) gestuurd op het verminderen van de CO2-intensiteit in de brandstofketen. Dat betekent dat hernieuwbare brandstoffen, zoals duurzame biobrandstoffen, worden beloond als zij in de keten minder emissies veroorzaken. Ook rijden op elektriciteit of groene waterstof wordt in het systeem beloond. Binnen het systeem zijn nieuwe eenheden geïntroduceerd: Emissie Reductie Eenheden (ERE’s). Het nieuwe systeem wordt daarom ook wel aangeduid als het ERE-systeem.

De hoogte van de verplichtingen houdt rekening met het minimale ambitieniveau uit de RED3 en voor de sector land is rekening gehouden met aanvullende nationale klimaatafspraken. De verplichtingen, evenals diverse subdoelstellingen en limieten, zijn vastgesteld tot en met 2030.  

Het systeem breekt met het oude systeem, dat op basis van de jaarverplichting stuurde op de energie-inhoud van hernieuwbare energie. De dubbeltellingsregeling die gold voor bepaalde biobrandstoffen uit afval en residuen is nu afgeschaft.

Aparte sectorverplichtingen

Het nieuwe systeem introduceert aparte verplichtingen voor de sectoren land, binnenvaart en zeevaart. Dat betekent dat brandstofleveranciers per sector moeten voldoen aan de verplichting om voldoende emissiereductie in de keten te behalen. Aparte sectorverplichtingen bieden meer voorspelbaarheid over de inzet van hernieuwbare brandstoffen per sector.

Voorheen gold dat er één jaarverplichting was voor hoofdzakelijk brandstoffen geleverd aan het wegvervoer. Wel konden de leveringen van hernieuwbare brandstoffen aan de luchtvaart en scheepvaart meetellen voor de jaarverplichting. In het nieuwe systeem geldt dat niet meer voor leveringen aan de luchtvaart. Wel is het mogelijk om leveringen aan land, binnenvaart en zeevaart beperkt mee te tellen voor de verplichting van een andere sector. Dat is alleen mogelijk binnen de zogenaamde ‘vrije ruimte’ die alleen geldt voor de binnenvaart en zeevaart.

Geen verrassingen

Na de besluitvorming in de Tweede Kamer in oktober vorig jaar waren de details rondom het nieuwe systeem bekend en met de recente officiële publicaties worden deze alleen nog formeel bevestigd. Marktpartijen hadden reeds geruim de tijd om zich op het nieuwe systeem voor te bereiden.

De NVDB verwelkomt het nieuwe systeem met een aangescherpt ambitieniveau. Met de introductie van het ERE-systeem is het nu zaak dat er snel duidelijkheid komt over de stimulering van duurzame biobrandstoffen na 2030.

Klik hier om het koninklijk besluit te lezen.